Wat is langdurige diarree?

In de meeste gevallen gaat diarree na een aantal dagen vanzelf weer over. Soms echter blijft de diarree langere tijd aanhouden. Als diarree langer dan twee duurt spreken we van ‘langdurige diarree’ of ‘aanhoudende diarree’.

De medische term voor langdurige diarree is ‘chronische diarree’.

Langdurige diarree leidt tot vochtverlies. Als het vochtverlies onvoldoende wordt gecompenseerd door vochtinname dreigt uitdroging (dehydratie).


Oorzaken langdurige diarree

Er zijn behoorlijk wat verschillende oorzaken voor het ontstaan van langdurige diarree. De meeste oorzaken zijn in één van de volgende groepen in te delen:

  • Infectie van de darm, bijvoorbeeld reizigersdiarree; maar ook afweerstoornissen, waardoor de kans op infecties van de darm toeneemt;
  • Ontsteking van de darm, bijvoorbeeld ziekte van Crohn en colitis ulcerosa;
  • Spastische dikke darm;
  • Vernauwing van de darm, bijvoorbeeld door darmkanker;
  • Gebruik van geneesmiddelen, met name bepaalde antibiotica en laxeermiddelen;
  • Stofwisselingsziekten, zoals bijvoorbeeld een tekort aan het enzym lactase (lactase deficiëntie);
  • Aandoeningen van de alvleesklier;
  • Aandoeningen van de schildklier, zoals de ziekte van Graves;
  • Doorbloedingsstoornis van de darm.

Kijk voor een uitgebreide lijst met oorzaken onderaan deze webpagina.


Symptomen en gevolgen

Diarree is zelf een symptoom van een ziekte of aandoening. Maar aanhoudende diarree kan zelf ook weer tot bepaalde symptomen en complicaties leiden. Een veel voorkomend symptoom is gewichtsverlies waardoor vermagering optreedt.

Een complicatie van langdurige diarree is uitdroging. Dit wordt ‘dehydratie’ genoemd. Verder kan door de diarree de opname van bepaalde voedingsstoffen verstoord raken. Hierdoor kunnen tekorten ontstaan.


Diagnostiek langdurige diarree

Om erachter te komen wat de oorzaak van de aanhoudende diarree is heeft de arts verschillende mogelijkheden: vraaggesprek met de patiënt, lichamelijk onderzoek, bloedonderzoek, onderzoek van de ontlasting, kijkonderzoek van de darm en beeldvormend onderzoek.

Vraaggesprek

De arts zal vragen stellen om een idee te krijgen van de mogelijke oorzaken. Zo zal de arts vragen of er nog andere klachten zijn, zoals bijvoorbeeld koorts, buikpijn, of er bloed bij de ontlasting zit, of  de patiënt geneesmiddelen gebruikt, of de patiënt kortgeleden op reis is geweest, etc.

Lichamelijk onderzoek

Bij lichamelijk onderzoek zal de arts beoordelen of er sprake is van uitdroging. Er worden zelden afwijkingen gevonden die een directe aanwijzing zijn voor de oorzaak van de aanhoudende diarree.

Onderzoek van de ontlasting

Door de ontlasting te onderzoeken kan onderscheid worden gemaakt in verschillende typen diarree. Dat helpt bepalen in welke richting de oorzaak moet worden gezocht.

De volgende onderzoeken helpen de oorzaak van de diarree te achterhalen:

  • Osmolaliteit van de ontlasting
  • Zuurgraad van de ontlasting
  • Vetgehalte van de ontlasting
  • Calprotectine gehalte van de ontlasting
  • Microscopisch onderzoek van de ontlasting
  • Kweken van de ontlasting op micro-organismen
  • Onderzoek op de aanwezigheid van occult bloed
  • Onderzoek op de aanwezigheid van witte bloedcellen

Osmolaliteit

De osmolaliteit van de ontlasting is verhoogd als bepaalde stoffen niet worden afgebroken de darm. Een voorbeeld hiervan is lactose-intolerantie.

Zuurgraad van de ontlasting

De zuurgraad van de ontlasting is ook vaak verhoogd bij aandoeningen als lactose-intolerantie. Doordat de lactose niet goed wordt afgebroken in de darm kan het niet worden opgenomen in het bloed. Het gevolg is dat het onder invloed van bacteriën in de darm gaat gisten. Dat leidt tot een toename van de zuurgraad (verlaging van de pH).

Vetgehalte

Het vetgehalte van de ontlasting is verhoogd bij aandoeningen waarbij de opname van vetten in de darm verstoord is. Dit leidt tot vetdiarree (steatorroe). Vetdiarree kan wijzen op aandoeningen van de alvleesklier (pancreas).

Calprotectine

Het calprotectine gehalte in de ontlasting is verhoogd bij ontstekingen van de darm. Een verhoogde waarde komt voor bij de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa.

Microscopisch onderzoek

Door de ontlasting onder de microscoop te bekijken kunnen bepaalde parasieten worden aangetoond. Zo kan een parasitaire infectie als oorzaak van de diarree worden ontdekt.

langdurige diarree - onderzoek dunnedarmbiopt onder de microscoop

Kweek

De ontlasting kan ook worden gekweekt op bepaalde micro-organismen, zoals Giardia lamblia.

chronische diarree - feceskweek

Bloedonderzoek

Er zijn verschillende bepalingen in het bloed die een aanwijzing kunnen geven voor de oorzaak van de diarree.

Als de ontstekingswaarden in het bloed verhoogd zijn kan dat wijzen op een infectie van de darm.

Aanwezigheid van anti-transglutaminase antistoffen in het bloed wijst op coeliakie als oorzaak van de diarree.

Een verhoging van schildklierhormonen in het bloed kan wijzen op een te snel werkende schildklier (hyperthyreoïdie).

H2-ademtest

De H2-ademtest is een test waarmee bacteriële overgroei in de dunne darm en lactose-intolerantie kunnen worden aangetoond.

Bij de test voor het aantonen van bacteriële overgroei wordt gebruik gemaakt van fructose. Bij de test voor lactose-intolerantie wordt gebruik gemaakt van lactose.

Kijkonderzoek van de darm

Bij kijkonderzoek van de dikke darm (coloscopie) kunnen afwijkingen worden gezien die wijzen op ontsteking van de dikke darm (colitis). Ook kan een gezwel in de dikke darm worden opgespoord.

coloscopie als onderzoek bij chronische diarree

Bij kijkonderzoek van de dunne darm (duodenoscopie) kan een stukje weefsel uit de darmwand worden weggenomen. Dit wordt ‘biopsie’ genoemd. Het stukje weefsel – ‘biopt’ genoemd – wordt vervolgens door een patholoog-anatoom onder de microscoop bekeken. Afwijkingen die daarbij worden gezien kunnen een aanwijzing geven voor de oorzaak van de dunne darm.

Vochtbalans

Vanwege het vochtverlies bij diarree zal de arts informatie willen hebben over de vochtbalans. Dat wil zeggen de hoeveelheid vocht die je inneemt en de hoeveelheid vocht die je verliest. Als je meer verliest dan dat er binnenkomt dreigt uitdroging.


Behandeling langdurige diarree

Wat kun je zelf doen?

Er zijn een aantal dingen die je zelf kunt doen bij langdurige diarree.

Voldoende drinken

Door de aanhoudende diarree verlies je veel vocht. Het is dus zeer belangrijk om voldoende te drinken. Zorg dat je minimaal een liter water, thee of bouillon méér inneemt dan normaal.

ORS

ORS is speciaal bedoeld om uitdroging tegen te gaan. ORS staat voor ‘Oral Reyhdration Solution’.

Loperamide

Je kunt zelf een middel tegen diarree gebruiken, zoals Imodium (loperamide). Het nadeel hiervan is dat je het symptoom (de diarree) wel behandelt, maar niet de onderliggende oorzaak.

Imodium (loperamide) capsules bij langdurige diarree
Imodium (loperamide) capsules

Wat kan de arts doen?

De arts zal in eerste instantie willen weten wat de oorzaak is. Pas dan kan een gerichte behandeling worden gekozen. Daarom zal eerst onderzoek worden gedaan naar de onderliggende oorzaak.

De behandeling is voor elke oorzaak verschillend. Kijk voor de behandeling op de webpagina over de betreffende oorzaak.

Engelse vertaling

chronic diarrhea

Verder lezen / Referenties

  • LR Schiller, ‘Chronic diarrhea‘, gepubliceerd in de rubriek ‘Clinical Management’ van GASTROENTEROLOGY 2004; 127: pagina’s 287–293.

Langdurige diarree – Differentiaal Diagnose (DD)

Hieronder een lijst met mogelijke oorzaken voor langdurige diarree. Het getal achter de oorzaak geeft een schatting van het aantal mensen dat jaarlijks vanwege die oorzaak aanhoudend diarree heeft.

Vaak voorkomende oorzaken van langdurige diarree: >1.000/jaar

Minder vaak voorkomende oorzaken van langdurige diarree: <1.000/jaar

Zeldzame oorzaken van langdurige diarree: <100/jaar

  • aarsmaden (oxyuriasis) – 99
  • ontsteking van de darmen door bestraling (bestralingsenteritis) – 92
  • carcinoïd – 89
  • amoebendysenterie – 80
  • trombose van de darmslagader (A. mesenterica) – 73
  • gebruik van azitromycine (Zithromax) – 70
  • niet-gedraaide dikke darm (malrotatie van het colon) – 56
  • idiopathische chronische diarree – 50
  • ziekte van Ménétrier – 50
  • collagene colitis – 42
  • aantasting van de darm door HIV-infectie (HIV-enteropathie) – 39
  • tropische spruw – 35
  • schistosomiasis – 35
  • necrotiserende enterocolitis – 32
  • verbindweefseling van de lever door verstopping in de galkanaaltjes (primaire biliaire cirrose) – 26
  • MIDD-type diabetes (maternally inherited diabetes and deafness) – 20
  • spirochetose van de darmen (intestinale spirochetose) – 19
  • syndroom van Ogilvie (idiopathische intestinale pseudo-obstructie) – 17
  • infectie van de darm door Cyclospora cayetanensis – 16
  • infectie van de darm door Cystoisospora belli – 16
  • infectie van de darm door Entamoeba polecki – 16
  • infectie van de dikke darm door herpes virus (colitis door herpes simplex virus) – 16
  • onvoldoende opname van galzouten (malabsorptie van galzouten) – 16
  • slecht werkende alvleesklier – 16
  • infectie met Encephalitozoon intestinalis – 16
  • infectie met Enterocytozoon bieneusie – 16
  • ontsteking van de dunne darm (ileïtis) – 16
  • idiopathic bile acid malabsorption – 16
  • darmtuberculose (intestinale tuberculose) – 15
  • lymfeklierkanker in de dikke darm (maligne lymfoom van het colon) – 14
  • medullair schildklierkanker – 10

Zeer zeldzame oorzaken van langdurige diarree: <10/jaar

  • histoplasmose – 9
  • Mycobacterium avium intracellulare-infectie van de darm (Mycobacterium avium intracellulare-infectie van de darm) – 8
  • paratyfus – 7
  • microsporidiose – 6
  • mestcelziekte (systemische mastocytose) – 6
  • auto-immuun enteropathie – 6
  • ziekte van Hirschsprung (congenitaal megacolon) – 5
  • zwarte koorts (viscerale leishmaniasis) – 5
  • vitamine B3-tekort (pellagra) – 5
  • IPEX-syndroom – 4
  • infectie met de EHEC-bacterie – 4
  • lymfeklierkanker in de dunne darm (maligne lymfoom van de dunne darm) – 4
  • gastrinoom van de alvleesklier – 4
  • intestinale epitheeldysplasie – 3
  • ziekte van Whipple – 3
  • taaislijmziekte (cystische fibrose) – 3
  • Brainerd’s diarrhea (postinfectieuze diarree) – 3
  • sucrose intolerantie – 2
  • infectie van de darm door Plesiomonas (gastroenteritis door Plesiomonas) – 2
  • vagotomie – 2
  • gastrinoom van de dunne darm – 2
  • aangeboren tekort aan lactase (congenitale lactasedeficiëntie) – 2
  • tufting-enteropathie – 2
  • infectie van de darm door Balantidium coli (balantidiasis) – 2
  • immunoproliferatieve dunne darmziekte – 1
  • kaposisarcoom in de darm (intestinaal kaposisarcoom) – 1
  • cholera – 1
  • pancreatic exocrine insufficiency – 1
  • neuroblastoom – 1
  • cryptokokkeninfectie door het lichaam (gedissemineerde cryptokokkeninfectie) – 1
  • syndroom van Omenn – 1
  • VIPoom – 1

Extreem zeldzame oorzaken van langdurige diarree: <1/jaar

  • congenitale chloridediarree – 0,9
  • collageneuze enteritis – 0,8
  • ernstige gecombineerde immuundeficiëntie door DCLRE1C-deficiëntie (SCID – Athabaskantype) – 0,6
  • infectie met de Capillaria-worm (capillariasis) – 0,6
  • vlokatrofie door geneesmiddelen (medicatie-geïnduceerde vlokatrofie) – 0,6
  • microvillusinclusieziekte – 0,6
  • fasciolopsiasis – 0,5
  • syndroom van Cronkhite-Canada – 0,4
  • tekort aan het enzym adenosine deaminase (adenosine-deaminase deficiëntie) – 0,4
  • geslachtsgebonden ‘severe combined immunodeficiency‘ syndroom (X-gebonden ‘severe combined immunodeficiency’ syndroom) – 0,4
  • occipitale-hoornsyndroom – 0,3
  • paracoccidioïdomycose – 0,3
  • sarcoïdose van de maag – 0,3
  • syndroom van Nezelof – 0,3
  • ZAP70 tekort (ZAP70 deficiëntie) – 0,2
  • MHC-klasse-II-deficiëntie – 0,2
  • idiopathische myo-intimale hyperplasie van de mesenteriale venen – 0,1
  • ethylmalon encephalopathie – 0,1
  • tekort aan het enzym purine nucleoside fosforylase (purine nucleoside phosphorylase deficiëntie) – 0,04
  • syndroom van Pearson – 0,03

Syoniemen voor langdurige diarree zijn aanhoudende diarree, chronische diarree, persisterende diarree en geprotraheerde diarree.


Gepubliceerd door: Simpto.nl
Datum van publicatie: 13 januari 2018
Auteur: Erwin Douwes
Laatst bijgewerkt op: 13 januari 2018

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *