Reticulocyten Productie Index (RPI)

Wat is de Reticulocyten Productie Index (RPI)?

De Reticulocyten Productie Index – vaak afgekort tot ‘RPI’ – is een maat die wordt gebruikt om de reactie van het beenmerg op bloedarmoede te meten.

Waarom wordt de Reticulocyten Productie Index bepaald?

Bij mensen met bloedarmoede is de hoeveelheid rode bloedcellen afgenomen. Omdat rode bloedcellen zuurstof vanuit de longen naar de weefsels en organen transporteren is het gevolg een verlaging van de zuurstoftoevoer. Dit wordt in de nieren gedetecteerd. De nieren zullen daarop meer erytropoëtine gaan produceren. Erytropoëtine zet het beenmerg aan om nieuwe rode bloedcellen aan te maken.

Om te beoordelen of het beenmerg goed reageert op bloedarmoede wordt het aantal reticulocyten in het bloed bepaald. Het aantal reticulocyten in het bloed wordt gemeten als percentage van het totaal aantal rode bloedcellen in het bloed. Bij mensen met bloedarmoede (anemie) is het totaal aantal rode bloedcellen verlaagd. Als je dan het aantal reticulocyten uitdrukt als percentage van het (verlaagde) aantal rode bloedcellen krijg je een waarde die hoger ligt dan wanneer het aantal rode bloedcellen normaal zou zijn. Het geeft dus een vertekend beeld. Om deze reden wordt het reticulocytengetal gecorrigeerd.

Bepalen van de RPI

Gecorrigeerd reticulocytengetal

Het percentage reticulocyten wordt gecorrigeerd het te vermenigvuldigen met de hematocrietwaarde van de betreffende patiënt, gedeeld door de normaalwaarde voor hematocriet (meestal 0,45).

gecorrigeerd reticulocytengetal

Correctie voor verlengde levensduur reticulocyten

Vervolgens wordt nog een correctie toegevoegd voor het feit dat reticulocyten bij mensen met bloedarmoede eerder vanuit het beenmerg worden afgegeven aan het bloed. De levensduur van reticulocyten in het bloed is bij mensen met bloedarmoede dus langer dan normaal.

In de normale situatie worden reticulocyten in het bloed in ongeveer 24 uur omgezet in rode bloedcellen (erytrocyten). Bij mensen met bloedarmoede is deze termijn langer naarmate de bloedarmoede ernstiger is. Daarom geldt hoe lager de hematocrietwaarde, des te eerder worden reticulocyten vrijgegeven aan de bloedbaan, en des te langer duurt het voordat ze in het bloed worden omgezet naar rode bloedcellen. De volgende cijfers worden daarbij gebruikt:

  • Hematocriet 0,36-0,45 – levensduur reticulocyten in bloed = 1,0 dag
  • Hematocriet 0,26-0,35 – levensduur reticulocyten in bloed = 1,5 dagen
  • Hematocriet 0,16-0,25 – levensduur reticulocyten in bloed = 2,0 dagen
  • Hematocriet 0,15 en lager ; levensduur reticulocyten in bloed = 2,5 dagen

Om de RPI te bepalen wordt vervolgens het gecorrigeerde reticulocytengetal gedeeld door de levensduur van de reticulocyten.

reticulocyten productie index (RPI)

Normaalwaarde RPI

De RPI ligt normaal gesproken tussen de 0,6-2,6%. Deze waarden kunnen van laboratorium tot laboratorium verschillen.

Betekenis afwijkende RPI

Een verlaagde RPI bij iemand met bloedarmoede betekent dat het beenmerg niet goed in staat is om reticulocyten aan te maken in reactie op de bloedarmoede. Een verhoogde RPI geeft juist aan dat het beenmerg overdreven sterk reageert op de bloedarmoede.

Engelse vertaling

reticulocyte production index, RPI, reticulocyte index, corrected reticulocyte count

Synoniemen voor de reticulocyten productie index zijn RPI, reticulocytenindex en gecorrigeerd reticulocytengetal


Gepubliceerd door: Simpto.nl
Datum van publicatie: 25 januari 2017
Auteur: Erwin Douwes
Laatst bijgewerkt op: 25 januari 2017

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *