Wat is het postpoliosyndroom?

Het postpoliosyndroom is een aandoening die kan optreden bij mensen die in het verleden kinderverlamming hebben gehad. Vele jaren na het doormaken van kinderverlamming kan spierzwakte optreden. Dit komt doordat zenuwcellen die deze spieren voorzien van zenuwprikkels afsterven. Het postpolio syndroom treedt op bij ongeveer de helft van de mensen die polio hebben doorgemaakt. De kans op het krijgen van dit syndroom zou groter zijn bij mensen die ouder dan tien jaar waren toen ze polio doormaakten, zowel aan armen en benen verlamd waren, en weer snel herstelden.


Welke symptomen geeft het?

De volgende klachten kunnen optreden:

  • Spierzwakte, vooral in de benen
  • Snel vermoeid, vooral bij inspanning
  • Pijnklachten, vooral van de spieren
  • Slecht tegen kou kunnen
  • Slaapproblemen
  • Koude handen en voeten
  • Soms ademhalingsproblemen

Wat is de oorzaak?

Bij polio gaan zenuwcellen te gronde die ervoor zorgen dat spieren worden geprikkeld om aan te spannen. Bij mensen die polio doorstaan is het aantal van dit soort zenuwcellen sterk verminderd. Nieuwe zenuwcellen worden niet gevormd. Gelukkig kunnen de overgebleven zenuwcellen wel voor een deel de taken van de afgestorven cellen overnemen. Dit gebeurt doordat zich nieuwe uitlopers vormen vanuit de overgebleven cellen naar elkaar toe. Het gevolg is echter dat die overgebleven cellen veel meer werk moeten verzetten dan oorspronkelijk het geval was. Aangenomen wordt dat deze cellen vanwege die overbelasting sneller afsterven. Het afsterven van deze overgebleven cellen zou dan ten grondslag liggen aan het ontstaan van het post-polio syndroom.


Hoe wordt de diagnose gesteld?

De diagnose wordt niet zo vaak gesteld omdat er geen goede test bestaat die deze diagnose kan bevestigen. Op grond van de klachten is het vaak moeilijk om te besluiten dat er sprake is van het postpoliosyndroom. De betreffende klachten kunnen namelijk ook bij verschillende andere aandoeningen passen.


Wat is de behandeling?

Er zijn verschillende behandelingen die worden toegepast bij mensen met postpoliosyndroom.

  • L-carnitine om de spierkracht te bevorderen.
  • Pyridostigmine om de vermoeibaarheid van de spieren bij inspanning tegen te gaan.
  • Amitriptyline om de aanhoudende pijnklachten te behandelen.
  • Fysiotherapie: langzaam opbouwende, niet vermoeiende oefeningen om spiergroepen weer enigszins op kracht te brengen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *