Hyperthyreoïdie

Wat is hyperthyreoïdie?

Hyperthyreoïdie is een aandoening waarbij de schildklier te veel schildklierhormonen aanmaakt. De schildklierhormonen worden uitgescheiden in het bloed. Zo kunnen ze in het lichaam verschillende klachten veroorzaken.

Een andere naam voor hyperthyreoïdie is ‘thyreotoxicose’. In de dagelijkse spreektaal wordt wel gesproken van een ‘te snel werkende schildklier’.

Het tegengestelde van hyperthyreoïdie is ‘hypothyreoïdie’, oftewel een ‘te langzaam werkende schildklier‘.

Oorzaken

Er zijn verschillende aandoeningen en omstandigheden die tot hyperthyreoïdie kunnen leiden, namelijk:

  • Aandoening van de schildklier zelf
  • Aandoening in de hersenen
  • Inname van schildklierhormonen
  • Gebruik van bepaalde medicijnen en andere middelen
  • Zeldzame syndromen
Aandoening van de schildklier zelf

Ten eerste zijn er ziekten van de schildklier die hyperthyreoïdie tot gevolg hebben. De meest bekende is de ziekte van Graves. Dit is een zogenaamde auto-immuunziekte, waarbij het lichaam antistoffen aanmaakt tegen onderdelen van het eigen lichaam. In het geval van de ziekte van Graves worden antistoffen aangemaakt tegen structuurtjes op de schildkliercellen. Door met deze structuurtjes te binden wordt de schildklier aangezet om schildklierhormoon aan te maken.

Ook gezwellen van de schildklier kunnen hyperthyreoïdie geven. Voorbeelden zijn de ziekte van Plummer (toxisch multinodulair struma) en het toxisch adenoom.

Een ontsteking van de schildklier kan ook leiden tot hyperthyreoïdie. Dit wordt ‘thyroïditis’ genoemd.

Aandoening van de hypofyse

Ten tweede zijn er ziekten van de hersenen die tot hyperthyreoïdie kunnen leiden. De hersenen bevat klieren die de schildklier aansturen. Dit zijn de hypothalamus en de hypofyse. Door overmatige uitscheiding van de hormonen TRH (hypothalamus) en/of TSH (hypofyse) wordt de schildklier geprikkeld om grote hoeveelheden schildklierhormoon aan te maken.

Dit kan voorkomen bij een adenoom van de hypofyse. Dat is een goedaardig gezwel van de hypofyse waarbij grote hoeveelheden hypofyse-hormonen worden aangemaakt en uitgescheiden. Als het adenoom grote hoeveelheden TSH aanmaakt en uitscheidt is het gevolg hyperthyreoïdie.

Inname van schildklierhormonen

Ten derde kan hyperthyreoïdie worden veroorzaakt door inname van schildklierhormoon. Vaak zal dat zijn als geneesmiddel. Mensen met een te langzaam werkende schildklier (hypothyreoïdie) gebruiken vaak schildklierhormoon als geneesmiddel. Als ze daar te veel van nemen kan hyperthyreoïdie ontstaan.

Maar het is ook mogelijk dat schildklierhormoon wordt ingenomen zonder dat iemand dat zelf weet. Een voorbeeld is het eten van vlees met een overmaat aan schildklierweefsel.

Gebruik van bepaalde middelen

Ten slotte zijn er geneesmiddelen die tot een verhoging van de uitscheiding van schildklierhormoon kunnen leiden. Voorbeelden zijn amiodaron en pembrolizumab (Keytruda).

Amiodaron kan hyperthyreoïdie veroorzaken doordat het jodium bevat. Toediening van jodium kan leiden tot prikkeling van schildkliercellen. Die gaan daardoor meer schildklierhormoon aanmaken. Dit wordt uitgescheiden in het bloed.

Om diezelfde reden kan ook gebruik van kelptabletten leiden tot hyperthyreoïdie. Kelptabletten worden gemaakt uit zeewier dat jodium bevat.

kelp bevat jodium - oorzaak van hyperthyreoïdie
kelp (zeewier)

Ook toediening van contrastmiddelen voor beeldvormend onderzoek kan afwijkingen van de schildklier geven. Het gaat dan om zogenaamde ‘jodiumhoudende contrastmiddelen’.

Overige

Er zijn een aantal zeldzame aandoeningen waarbij hyperthyreoïdie kan voorkomen. Voorbeelden zijn het syndroom van DiGeorge en het syndroom van McCune-Albright.

Symptomen

Een toename van de uitscheiding van schildklierhormonen in het bloed kan door het hele lichaam klachten geven. De volgende klachten kunnen voorkomen:

Diagnose

De diagnose ‘hyperthyreoïdie’ wordt gesteld door het gehalte van schildklierhormonen in het bloed te bepalen. Dat is verhoogd.

Om de oorzaak van de verhoging van het schildklierhormoon in het bloed te achterhalen zal de arts nader onderzoek doen. Meestal zullen dat bloedonderzoek en beeldvormend onderzoek zijn.

Bloedonderzoek

Als de oorzaak in de schildklier zelf ligt zal het gehalte aan TSH in het bloed meestal verlaagd zijn. De hypofyse registreert namelijk dat het schildklierhormoon gehalte te hoog is. Ter correctie daarvan zal de hypofyse minder TSH uitscheiden. Dit voorkomt dat de schildklier geprikkeld wordt om nog meer schildklierhormoon aan te maken.

Als de oorzaak van de hyperthyreoïdie in de hypofyse ligt zal het gehalte aan TSH in het bloed juist meestal verhoogd zijn. TSH staat voor ‘Thyroid Stimulating Hormone’. Het is een hormoon dat in het bloed wordt uitgescheiden door de hypofyse. Via het bloed komt het in de schildklier. Daar zet het de schildklier aan tot productie van schildklierhormoon.

Als de hyperthyreoïdie wordt veroorzaakt door de ziekte van Graves kunnen vaak antistoffen in het bloed worden aangetoond. Deze antistoffen zetten de schildklier aan om schildklierhormoon te produceren. De bepaling van antistoffen wordt gebruikt om onderscheid te maken met andere oorzaken voor een snel werkende schildklier. Bij andere oorzaken kunnen dergelijke antistoffen meestal niet worden aangetoond.

Beeldvormend onderzoek

Op grond van het bloedonderzoek wordt vaak al duidelijk waar de oorzaak gezocht moet worden. Als dat de schildklier zelf is zal meestal een echografie van de hals worden aangevraagd. Daarbij zijn afwijkingen aan de schildklier vaak goed zichtbaar.

Ook kan de arts besluiten een scintigram van de schildklier aan te vragen. Bij dit onderzoek wordt een kleine hoeveelheid radioactief jodium ingespoten. Bij mensen met hyperthyreoïdie zal de hoeveelheid radioactief jodium dat wordt opgenomen in de schildklier verhoogd zijn. Dit kan worden gemeten.

scintigrafie bij iemand met hyperthyreoïdie door ziekte van Graves
scintigrafie bij iemand met hyperthyreoïdie door ziekte van Graves (Bron: Dr Arshdeep Sidhu, Radiopaedia.org)

Als de oorzaak in de hersenen gelegen is zal meestal een hersenscan worden gemaakt. Daarop zijn afwijkingen van de hypothalamus en de hypofyse goed zichtbaar.

Behandeling

Mensen met een te snel werkende schildklier worden meestal behandeld door de huisarts, de internist of de endocrinoloog.

In principe is de behandeling gericht op het wegnemen van de oorzaak van de hyperthyreoïdie. Als dat niet kan zal de arts proberen om de hoeveelheid schildklierhormoon in het bloed te verlagen. Dat kan met medicijnen, radioactief jodium of een operatie.

Medicijnen

Vaak zal in eerste instantie een geneesmiddel worden voorgeschreven dat schildklierhormoon remt. Dergelijke middelen worden ‘thyreostatica’ genoemd.

Het komt regelmatig voor dat thyreostatica op de lange termijn onvoldoende werken. In dat geval kan de schildklier worden stilgelegd met radioactief jodium.

Soms worden medicijnen voorgeschreven die niet de oorzaak maar de klachten behandelen. Zo worden beta-blokkers voorgeschreven om de gejaagdheid en snelle hartslag tegen te gaan.

Radioactief jodium

Behandeling met radioactief jodium kan de schildklier stilleggen.

Operatie

Ten slotte is het mogelijk om een deel van de schildklier geheel te verwijderen. Een dergelijke operatie wordt ‘subtotale thyroïdectomie’ genoemd. Soms kan het nodig zijn om de gehele schildklier te verwijderen. Dat wordt ‘totale thyroïdectomie’ genoemd.

Hoe vaak komt het voor?

Hyperthyreoïdie komt vaak voor. Jaarlijks krijgen in Nederland naar schatting 5.000-6.000 mensen te horen dat ze een ‘te snel werkende schildklier’ hebben. De meeste daarvan zullen de ziekte van Graves hebben.

De aandoening komt vooral voor bij volwassenen, en dus zelden voor op de kinderleeftijd. Verder krijgen meer vrouwen dan mannen hyperthyreoïdie.

Engelse vertaling

hyperthyroidism, thyrotoxicosis

ICD10-code

E05

Verder lezen / Referenties

  • JJ Jöbsis ea, ‘Kinderen met hyperthyreoïdie door verhoogd hCG’, gepubliceerd in de rubriek ‘Klinische Les’ van het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde van 2014; 158: A7827.
  • C van Guldener ea, ‘Hyperthyreoïdie door jodiumhoudende röntgencontrastmiddelen’, gepubliceerd in de rubriek ‘Klinische Lessen’ van het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde van 18 juli 1998; 142(29): pagina’s 1641-1644.

Gepubliceerd door: Simpto.nl
Publicatiedatum: 25 september 2017
Auteur: Erwin Douwes
Laatst bijgewerkt: 25 september 2017


Synoniemen voor hyperthyreoïdie zijn hyperthyroïdie, thyreotoxicose, hyperactiviteit van de schildklier, en te snel werkende schildklier.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *