Borstkanker

Wat is borstkanker?

Borstkanker is een veel voorkomende kwaadaardige ziekte van de borst. Borstkanker komt vooral voor bij vrouwen maar kan, in zeldzame gevallen, ook voorkomen bij mannen.

Borstkanker is de meest voorkomende vorm van kanker bij vrouwen, en na hart- en vaatziekten de belangrijkste doodsoorzaak bij vrouwen.

De aandoening komt voor op volwassen leeftijd met een piek rond de 50-60 jaar. Jaarlijks krijgen ongeveer tienduizend vrouwen in Nederland borstkanker. Uiteindelijk krijgt één op de 11 vrouwen borstkanker.

De medische term voor borstkanker is ‘mammacarcinoom’.

Symptomen

De volgende klachten kunnen voorkomen bij borstkanker:

  • Bobbeltje in de borst is meestal de klacht waarmee men naar de dokter gaat
  • Ingetrokken tepel

Oorzaak

Ongeveer 5-10% van de gevallen van borstkanker is erfelijk. Inmiddels is bekend dat bij deze gevallen er sprake is van een afwijkend gen. Dit gen wordt het BRCA-gen genoemd. BRCA is afgeleid van het engelse woord voor borstkanker: ‘breast cancer’.

Afwijkingen (mutaties) van het zogenaamde BRCA1-gen kunnen leiden tot borstkanker. Ongeveer 1 op de 200-400 vrouwen is drager van het BRCA1-gen.

Risicofactoren

Er zijn verschillende risicofactoren voor het krijgen van borstkanker, namelijk:

  • Langere vruchtbare periode (periode tussen eerste menstruatie en menopauze);
  • Late leeftijd bij eerste voltooide zwangerschap;
  • Overmatig gebruik van alcohol;
  • De kans op het ontstaan van borstkanker is ook verhoogd bij vrouwen die vroeger het hormoon DES hebben geslikt.
Beschermende factoren

Vrouwen die aan sport doen of hebben gedaan hebben een lager risico op het krijgen van borstkanker dan vrouwen die nooit hebben gesport. Het verschil is het grootst bij slanke vrouwen.

Vrouwen die aan sport doen of hebben gedaan hebben een lager risico op het krijgen van borstkanker dan vrouwen die nooit hebben gesport. Het verschil is het grootst bij slanke vrouwen.

Hoe wordt de diagnose gesteld?

  • Lichamelijk onderzoek: Bij het lichamelijk onderzoek van de borsten zal gelet worden op symmetrie van de borsten, de kleur en het aspect van de huid, of bloedvaten zichtbaar zijn of niet, de vorm van de tepel, intrekking van de tepel, en of er uitvloed uit de tepel is. Vervolgens zal gevoeld worden of er bobbels in de borsten en/of de oksels zitten. Bobbels in de oksels kunnen wijzen op vergrote lymfeklieren. Verder kan nog worden beoordeeld of er aanwijzingen zijn voor uitzaaiingen naar bijvoorbeeld de botten (wervelkolom) of de longen.
  • Mammografie: Door middel van mammografie kan borstkanker al in een vroeg stadium worden opgespoord. Daarom wordt deze techniek gebruikt voor het landelijk borstonderzoek ter preventie van borstkanker.
  • Cytologische punctie: Als de arts bij lichamelijk onderzoek ook een knobbel in de borst vindt kan worden besloten om in de knobbel te prikken om cellen uit de knobbel te halen en te kunnen onderzoeken.
  • Biopsie: Ook kan de arts besluiten direkt de knobbel middels een operatie te verwijderen. Zowel bij de cytologische punctie als bij de biopsie zal vervolgens met behulp van microscopisch onderzoek door de patholoog-anatoom worden beoordeeld of het gaat om een goedaardige of kwaadaardige knobbel.
  • Genetisch onderzoek: Screening op aanwezigheid van een mutatie in het BRCA1-gen is tegenwoordig mogelijk maar wordt om ethische redenen niet standaard uitgevoerd.
  • Röntgenfoto van de longen: Dit onderzoek kan worden gedaan om te kijken of er uitzaaiingen in de longen aanwezig zijn.
  • Botscan en leverscan: Deze onderzoeken kunnen worden gedaan om te kijken of er uitzaaiingen in respectievelijk de botten of de lever aanwezig zijn.

Behandeling

Behandeling van borstkanker begint doorgaans met chemotherapie. Hoe verder de behandeling vordert, hoe meer deze wordt gericht op de specifieke kenmerken van het type borstkanker. Het vervolg van de behandeling zal dus van patiënt tot patiënt verschillen. Dit wordt met een engelse term ‘personalized medicine‘ genoemd. Patiënten krijgen dus een persoonlijke behandeling die gericht is op de specifieke kenmerken van hun type borstkanker.

Om de behandeling persoonlijk te maken is het nodig om de tumorcellen te onderzoeken. Om dit te kunnen doen wordt een kleine hoeveelheid weefsel uit het gezwel in de borst weggenomen. Dit wordt een ‘biopt’ genoemd. Met behulp van dit biopt wordt het DNA van tumorcellen in kaart gebracht. Op grond van de afwijkingen in het DNA wordt bepaald welk geneesmiddel het meest geschikt is voor de patiënt.

Ibrance (palbociclib) is een voorbeeld van een middel tegen borstkanker dat alleen bij patiënten met bepaalde kenmerken werkzaam is. Ibrance (palbociclib) wordt voorgeschreven aan mensen met zogenaamde ‘HR-positieve en HER2-negatieve borstkanker’. ‘HR-positief’ betekent dat de kankercellen gevoelig zijn voor vrouwelijke geslachtshormonen. ‘HER2-negatief’ betekent dat de borstkankercellen geen receptoren bevatten voor het stofje HER2 (humane epidermale-groeifactor 2).

Beloop & prognose

Het aantal vrouwen dat overleed aan borstkanker nam in periode 1970-1997 toe van 2264 naar 3574. Dit komt waarschijnlijk doordat vrouwen op latere leeftijd en minder kinderen krijgen dan vroeger. Ook wordt borstkanker tegenwoordig eerder ontdekt.


Gepubliceerd door: Simpto.nl
Datum van publicatie: 4 september 2017
Auteur: Erwin Douwes
Laatst bijgewerkt op: 4 september 2017

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *