Wat is beenmergdepressie?

Beenmergdepressie is een ernstige aandoening waarbij het beenmerg onvoldoende bloedcellen aanmaakt. Dat kan tot allerlei vervelende klachten en complicaties leiden.

Er zijn verschillende oorzaken voor het optreden van beenmergdepressie. De meest voorkomende oorzaak is het gebruik van antikankermiddelen (chemotherapie).

De medische naam voor beenmergdepressie is ‘myelosuppressie’.

beenmergdepressie - samenvatting
beenmergdepressie – samenvatting

Symptomen beenmergdepressie

In het beenmerg worden bloedcellen aangemaakt: rode bloedcellen, witte bloedcellen en bloedplaatjes. Bloedcellen hebben een belangrijke functie in ons lichaam.

Rode bloedcellen (erytrocyten) zorgen voor de aanvoer van zuurstof naar organen en weefsels. Witte bloedcellen (leukocyten) spelen een belangrijke rol bij het bestrijden van infecties. En bloedplaatjes (trombocyten) spelen een belangrijke rol bij de bloedstolling.

Als het beenmerg wordt aangetast zal het minder goed in staat zijn om bloedcellen aan te maken. Dat kan leiden tot tekorten aan de verschillende bloedcellen.

Een tekort aan rode bloedcellen leidt tot bloedarmoede (anemie). Dat leidt tot symptomen als:

Een tekort aan witte bloedcellen (leukopenie) leidt tot een verminderde weerstand tegen infecties. Dat kan leiden tot bijvoorbeeld luchtweginfecties met symptomen als:

In ernstige gevallen kunnen zelfs levensbedreigende infecties ontstaan.

Een tekort aan bloedplaatjes (trombocytopenie) geeft problemen met de bloedstolling. De kan leiden tot symptomen als:

  • Snel blauwe plekken
  • Aanhoudend bloeden na een wondje of een medische of tandheelkundige ingreep
  • Spontane bloedingen

Oorzaken beenmergdepressie

Beenmergdepressie kan worden veroorzaakt door geneesmiddelen, maar ook door infecties. De meest voorkomende oorzaak voor beenmergdepressie is het gebruik van chemotherapie.

Chemotherapie

Chemotherapie zorgt ervoor dat snel delende cellen, zoals kankercellen, te gronde gaan. Datzelfde geldt echter ook voor andere snel delende cellen in het lichaam, zoals de voorlopercellen van bloedcellen in het beenmerg.

Na het starten met chemotherapie duurt het altijd even voordat de aantallen bloedcellen in het bloed dalen. Dat komt doordat niet de bloedcellen zelf maar de voorlopercellen in het beenmerg worden aangetast.

Andere geneesmiddelen

Naast antikankermiddelen zijn er medicijnen die in zeldzame gevallen ook beenmergdepressie kunnen geven, zoals:

  • Afweeronderdrukkende middelen – Een aantal afweeronderdrukkende middelen (immunosuppressiva) kan ook beenmergonderdrukking geven. Dat geldt bijvoorbeeld voor azathioprine;
  • Antiepilepsie-middelen, zoals bijvoorbeeld valproïnezuur;
  • Pijnstillers – In zeldzame gevallen kunnen ook pijnstillers van de groep van NSAID’s beenmergsuppressie geven;
  • Antibiotica, zoals bijvoorbeeld linezolid (Zyvoxid).

Virusinfectie

Ook virusinfecties kunnen in zeldzame gevallen beenmergdepressie geven. Voorbeelden van virusinfecties waarbij dat kan voorkomen zijn:

  • HIV-infectie
  • Parvovirus-B19 infectie
  • Infectie met het Epstein-Barr virus (ziekte van Pfeiffer)

Hoe wordt de diagnose gesteld?

Meestal komt men beenmergdepressie op het spoor door afwijkingen in het bloed. Om vervolgens de diagnose te bevestigen is beenmergonderzoek nodig.

Bloedonderzoek

Bij bloedonderzoek is een tekort aan bloedcellen zichtbaar. Dit wordt ‘pancytopenie’ genoemd.

Beenmergonderzoek

Bij een beenmergpunctie is een tekort aan voorlopercellen van bloedcellen zichtbaar.

Bij een beenmergbiopsie is het beenmerg opvallend ‘leeg’.

Wat is de behandeling?

De behandeling van beenmergdepressie is afhankelijk van de onderliggende oorzaak.

Onderliggende oorzaak wegnemen

Als de beenmergdepressie wordt veroorzaakt door een geneesmiddel zal in eerste instantie worden beoordeeld of gebruik van het betreffende middel kan worden gestopt. Als dat niet kan zal worden beoordeeld of de patiënt kan worden overgezet op een ander middel. Bij antibiotica, anti-epileptica en immunosuppressiva (afweeronderdrukkende middelen) is dat vaak mogelijk.

Beenmergdepressie door chemotherapie

Bij de behandeling van kanker wordt beenmergdepressie door antikankermiddelen geaccepteerd. Hier speelt meestal niet de overweging om te switchen naar een ander middel. De chemotherapie is immers nodig om de kankercellen te gronde te richten.

Bij de behandeling van beenmergdepressie door chemotherapie zijn vaak verschillende maatregelen nodig.

Vanwege de verhoogde kans op infecties kan het nodig zijn om opgenomen te worden voor geïsoleerde verpleging. Daarbij worden maatregelen genomen om de kans op infectie zo klein mogelijk te maken. Bij het optreden van infecties zullen antibiotica worden voorgeschreven.

In het geval het aantal bloedplaatjes flink daalt kan worden overwogen om een bloedplaatjestransfusie te geven.

Bij het ontstaan van ernstige bloedarmoede kan de arts overwegen erytrocytenconcentraat te geven.

Als het beenmerg zich weer gaat herstellen kan worden overwogen om zogenaamde ‘hematopoëtische groeifactoren‘ voor te schrijven. Het middel erytropoëtine (EPO) stimuleert de aanmaak van rode bloedcellen in het beenmerg. Middelen die G-CSF of CM-CSF bevatten stimuleren de aanmaak van witte bloedcellen in het beenmerg.

Andere talen

Engelse vertaling

bone marrow suppression

Duitse vertaling

Knochenmarkshemmung, Myelosuppression

Synoniemen van beenmergdepressie zijn beenmergfalen, beenmergaplasie, beenmergsuppressie, myelosuppressie, myelotoxiciteit, aantasting van het beenmerg, beenmergtoxiciteit, beenmergonderdrukking en onderdrukking van het beenmerg.


Gepubliceerd door: Simpto.nl
Datum van publicatie: 19 mei 2018
Auteur: Erwin Douwes
Laatst bijgewerkt op: 19 mei 2018

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *