Alvleesklierkanker

Wat is alvleesklierkanker?

Alvleesklierkanker is een kwaadaardig gezwel van de alvleesklier. De alvleesklier is een orgaan in de buik dat enzymen maakt die helpen bij de spijsvertering. Daarnaast worden in de alvleesklier ook hormonen aangemaakt.

De medische naam voor kanker van de alvleesklier is ‘pancreascarcinoom’. Als de tumor in de kop van de alvleesklier zit wordt gesproken van een ‘pancreaskopcarcinoom’.

Er zijn verschillende soorten van kanker van de alvleesklier. De meest voorkomende vorm heet ‘adenocarcinoom van de pancreas’. Deze vorm maakt 85% van alle vormen van alvleesklierkanker uit.

Hoe vaak komt het voor?

Alvleesklierkanker komt niet zo heel vaak voor. In Nederland wordt deze ziekte jaarlijks bij naar schatting 1.750 mensen vastgesteld.

Bij wie komt het voor?

Kanker van de alvleesklier is een ziekte die vooral voorkomt bij ouderen. De aandoening komt slechts zelden voor bij mensen jonger dan 45 jaar. De gemiddelde leeftijd waarop de aandoening wordt ontdekt ligt rond de 70 jaar. De aandoening komt iets vaker voor bij mannen dan bij vrouwen.

Oorzaak alvleesklierkanker

De oorzaak van alvleesklierkanker is niet precies bekend. Wel is bekend dat roken de kans op het krijgen van deze vorm van kanker verhoogt. Ook hebben mensen met een chronische ontsteking van de alvleesklier een verhoogde kans om kanker van de alvleesklier te krijgen.

Bij een klein deel – tussen de 5% en 10% – van de mensen met kanker van de alvleesklier speelt erfelijkheid een rol.

Symptomen alvleesklierkanker

In het begin van de ziekte hoeft iemand met kanker van de alvleesklier helemaal geen klachten hebben. Later kunnen de volgende klachten optreden:

De klachten die optreden zijn afhankelijk van de plaats in de alvleesklier waar de kanker optreedt. Zo zijn de klachten bij kanker van de kop van de alvleesklier (pancreaskopcarcinoom) anders dan bij kanker van de staart van de alvleesklier. Omdat de galgang door de kop van de alvleesklier loopt kan bij kanker van de kop van de alvleesklier de galgang worden dichtgedrukt. In dat geval kan de gal niet aflopen naar de dunne darm en ontstaat galstuwing.

Omdat gal een belangrijke rol speelt bij de vertering van vetten ontstaat een lichtgekleurde vettige ontlasting. Door de galstuwing zullen stofjes die zich in de gal bevinden – zoals de galkleurstof bilirubine – ophopen in het bloed. Dit kan weer tot klachten elders in het lichaam leiden: gele verkleuring van de ogen, gele verkleuring van de huid, donkere urine en jeuk. De combinatie van deze klachten die door galstuwing worden veroorzaakt wordt ‘geelzucht’ of ‘icterus’ genoemd.

Hoe wordt de diagnose gesteld?

De klachten, het lichamelijk onderzoek en bloedonderzoek kunnen de arts al op het spoor brengen van de diagnose. Maar om de diagnose te bevestigen zal beeldvormend onderzoek en zo mogelijk ook weefselonderzoek moeten worden gedaan.

Laboratoriumonderzoek

Bij laboratoriumonderzoek kan het bilirubine gehalte in het bloed verhoogd zijn. Dit treedt alleen op als de alvleesklierkanker leidt tot galstuwing. Zoals bij de meeste vormen van kanker kan ook de bloedbezinking en het CRP-gehalte in het bloed verhoogd zijn.

Cancer antigen 19-9 – afgekort tot ‘CA 19-9’ – is een stofje dat de alvleesklier voorkomt en ook in kleine hoeveelheden in het bloed te vinden is. Bij sommige vormen van alvleesklierkanker wordt dit stofje in grote hoeveelheden aangemaakt en zal ook het gehalte in het bloed verhoogd zijn. Een verhoogd gehalte van dit stofje in het bloed is dus een sterke aanwijzing voor de aanwezigheid van alvleesklierkanker, maar een normaal gehalte sluit de ziekte niet uit. Bij patiënten bij wie het verhoogd is kan de bloedspiegel worden bijgehouden om het effect van behandeling te meten.

Een ander stofje dat in het bloed verhoogd kan zijn is het CEA (carcino-embryonaal antigeen).

Beeldvormend onderzoek

Op een echo, CT-scan of MRI-scan van de buik zal meestal een afwijking in de alvleesklier wordt gevonden.

Weefselonderzoek

Om te bevestigen dat het om een kwaadaardige tumor gaat is weefselonderzoek nodig. Daarvoor moet weefsel uit de afwijking in de alvleesklier worden verkregen. Dat kan gebeuren tijdens een operatie (als besloten wordt te opereren), maar het is ook mogelijk om de alvleesklier via de buikhuid aan te prikken met een lange naald. Dit wordt ‘biopsie’ genoemd. Dit gebeurt onder lokale verdoving en onder geleide van echo of CT-scan. Als het lukt om op deze manier weefsel uit de afwijking te verkrijgen kan door de patholoog-anatoom onder de microscoop de diagnose worden bevestigd.

Stageringsonderzoek

Als de diagnose gesteld is zal de behandelend arts willen onderzoeken hoever de tumor zich heeft verspreid door het lichaam. Dat wordt gedaan om te bepalen welke behandeling het meest geschikt is. In veel gevallen zal beeldvormend onderzoek worden gedaan om te bepalen of uitzaaiingen naar lever, longen en skelet aanwezig zijn.

Behandeling alvleesklierkanker

Soms is het mogelijk om het gezwel met een operatie te verwijderen. Het gaat dan om een uitgebreide operatie waarbij tevens een deel van de dunne darm, de maag en de galblaas worden verwijderd. Dit wordt een Whipple-operatie genoemd.

Vaak is de tumor al zo ver doorgegroeid en/of uitgezaaid dat opereren geen zin meer heeft. In dat geval is genezing niet meer mogelijk. Wel kunnen de klachten worden behandeld. Zo zal bij een (dreigende) afsluiting van de darm door de tumor een omleidingsoperatie worden uitgevoerd.

Beloop en prognose

Kanker van de alvleesklier is een zeer ernstige ziekte die uiteindelijk bijna altijd tot de dood leidt. Dit komt doordat de ziekte pas in een laat stadium wordt ontdekt en dan moeilijk te behandelen is.

De levensverwachting van iemand met alvleesklierkanker is erg afhankelijk van de uitgebreidheid van de tumor en de aanwezigheid van eventuele uitzaaiingen. De ziekte kan uitgezaaid zijn naar lymfeklieren of andere organen. Het meest komen uitzaaiingen naar de lever voor, maar ook uitzaaiingen naar de longen of naar het skelet (botmetastasen) kunnen voorkomen.

Er zijn een aantal complicaties die kunnen optreden bij mensen met alvleesklierkanker. Complicaties zijn nadelige effecten van een ziekte. Omdat de alvleesklier ook insuline aanmaakt kan bij mensen met alvleesklierkanker ook suikerziekte (diabetes) ontstaan. Ook is het mogelijk dat de aandoening een effect heeft op de bloedstolling. Hierdoor kunnen bloedstolsels in bloedvaten ontstaan. Dit wordt ‘trombose’ genoemd. Ten slotte kan kanker van de alvleesklier ook leiden tot diffuse intravasale stolling (DIS).


Gepubliceerd door: Simpto.nl
Datum van publicatie: 26 november 2014
Auteur: Erwin Douwes
Laatst bijgewerkt op: 9 december 2016

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *