Antistollingsmiddelen

Wat zijn antistollingsmiddelen?

Antistollingsmiddelen zijn geneesmiddelen die de bloedstolling tegengaan. Er zijn verschillende groepen antistollingsmiddelen die allemaal op een andere manier werken.

In de volksmond worden antistollingsmiddelen wel ‘bloedverdunners’ of ‘bloedverdunnende middelen’ genoemd, hoewel ze niet echt het bloed verdunnen. De medische naam is anticoagulantia.

Welke soorten zijn er?

Er zijn verschillende groepen antistollingsmiddelen:

  • Coumarine-achtige stoffen: dit zijn geneesmiddelen die op coumarine lijken. Voorbeelden zijn acenocoumarol en fenprocoumon.
  • Heparines: dit zijn geneesmiddelen die zijn afgeleid van heparine.
  • Direct werkende middelen:
    • Remmers van stollingsfactor Xa: deze middelen remmen een van de stofjes die een rol spelen bij de bloedstolling. Voorbeelden uit deze groep zijn fondaparinux, edoxaban, apixaban en rivaroxaban.
    • Trombine-remmers: deze stoffen remmen een ander stofje dat een rol speelt bij de bloedstolling, namelijk trombine. Voorbeelden zijn hirudine, argatroban en dabigatran.

Bij welke aandoeningen?

Antistollingsmiddelen worden gebruikt bij de behandeling of preventie van verschillende aandoeningen waarbij bloedstolling een rol speelt. De meest voorkomende aandoeningen zijn:

Bijwerkingen

Door hun werking zullen deze middelen sneller bloedingen veroorzaken. Dat kan leiden tot de volgende bijwerkingen:

Engelse term

anticoagulants


Gepubliceerd door: Simpto.nl
Publicatiedatum: 1 augustus 2014
Auteur: Erwin Douwes
Laatst bijgewerkt: 27 oktober 2016

1 reactie

  1. waarom word er meteen overgegaan van een asperine 80 mg. naar Hydrea 500 mg.
    als de bloedwaarden Trombocyten 525 zijn.
    Vind dit wel een grote overstap van asperine naar chemo Hydrea .
    Alleen gezegd veel rode bloed lichaampjes kans op enz.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.